
Het kiezen van de juiste IR-emitoren voor het drogen van remblokken
Het gaat erbij om dat je niet met alle materialen op dezelfde manier kunt omgaan wanneer het gaat om het drogen van remblokken. Als je probeert dezelfde lampen te gebruiken voor zowel keramische als semimetaalremblokken, zal dat niet werken. Dan krijg je ofwel remblokken waarvan het kerngedeelte nauwelijks is gedroogd, of een oppervlak dat volledig verbrand is.
Waarom het materiaal belangrijk is
Het komt allemaal neer op hoe het materiaal omgaat met hitte. Semimetaalremblokken bevatten veel koper- en staalfibers. Hierdoor wordt een groot deel van het infraroodlicht weer terugged reflecteerd. Keramische remblokken werken anders: ze nemen de hitte op op een andere manier en hebben deze hitte nodig om diep in het materiaal te dringen, zodat de hars goed kan drogen.
Om dit op te lossen, passen we de golflengte van de emitter aan op wat het materiaal eigenlijk nodig heeft. Voor semimetaalremblokken gebruiken we meestal kortegolfig infraroodlicht, zodat het door de metalen structuur heen kan dringen. Voor keramische remblokken is middengolfig infraroodlicht het meest geschikt. Dit zorgt ervoor dat de hitte diep in het materiaal terechtkomt, zonder dat het oppervlak verbrandt.
Kiezen van de juiste lamp
Bij het kiezen van de juiste lamp kijken we naar twee factoren: vermogensdichtheid en golflengte. Hogevermogensquartzhalogeenlampen zijn ideaal, omdat ze snel op warmte komen. Hierdoor kunnen de processtappen snel worden uitgevoerd. Maar let op: controleer eerst je stroomvoorziening. Een hoge vermogensdichtheid vereist veel stroom. Als je bedrading en schakelaars niet sterk genoeg zijn, zul je problemen krijgen.
We bieden ook gelakte quartzlampen aan. Hierdoor wordt het emissiespectrum beperkt, zodat de energie rechtstreeks op het materiaal terechtkomt, in plaats van alleen de wanden van de oven te verwarmen. Dit maakt het proces efficiënter.
De realiteit op de werkplek
Het is verleidelijk om de vermogenssterkte op te voeren om het proces te versnellen, maar er zit een nadeel: als je het te heet maakt, loop je het risico dat het oppervlak te snel droogt en gassen vast blijven zitten in het materiaal. Dat is natuurlijk niet gewenst. Je moet dus een balans vinden tussen de vermogenssterkte van de lamp en de snelheid waarmee het transportmechanisme werkt.
En als je toch besluit om de vermogenssterkte op te voeren om tijd te besparen, zorg er dan voor dat je koelsysteem dit aankan. anders branden de lampen uit.